Outsourcing zorgt voor meer werk in Nederland. Hoe kan dat? Testnieuws spreekt met CEO Wilbert van den Bliek van SQS Benelux.

Nog niet zo heel lang geleden ‘verdween’ veel Nederlands ICT-werk naar landen als India. De werkgelegenheid die daarmee gemoeid was, zouden we voorgoed kwijt zijn. Dachten we. De werkelijkheid bleek echter anders. “Door outsourcing ontstaat er juist veel nieuw werk in Nederland”, zegt CEO Wilbert van den Bliek van SQS Benelux vanuit zijn kantoor in het Utrechtse Papendorp. Met uitzicht op de Dom, het moderne stadhuis en de torens van de Rabobank zou hij – met een goede telescoop –bijna kunnen zien of zijn medewerkers bij de bank aan het werk zijn. Aan de andere kant van het kantoor hangt een enorm billboard met een wereldkaart. Internationaal en lokaal in één blik gevangen.

Over outsourcing moeten we niet langer moeilijk doen”, betoogt Van den Bliek. “Dagelijks hebben we te maken met globalisering. In de wereld hoeft maar iets te gebeuren en we weten het meteen. Het is echt niet meer zo dat wij in het westen alle kennis en kunde in huis hebben. Integendeel.”

Internationaal testen, lokale ondersteuning

Voor hem zijn Utrecht en Chennai één. Testconsultancy zonder India-component bestaat bijna niet meer. “Ons werk bij klanten wordt steeds complexer. Aan de ene kant willen ze meer én goedkoper testen. Aan de andere kant willen ze wel lokaal, en in hun eigen taal ondersteund worden door specialisten die hun business case als geen ander begrijpen.”

Hij geeft een voorbeeld uit de financiële wereld: “Neem producten als verzekeringen of pensioenpolissen. Dat zijn hier normale producten, maar in India kennen ze die niet. Ga het dan maar eens testen; dat is vragen om problemen. Je moet het product uitleggen. Dat betekent dat onze specialist zowel met de klant als met ons offshore-testcentrum moet kunnen communiceren. Ik kan je een ding vertellen: dat is niet eenvoudig.”

De specialisten van SQS creëren ook steeds vaker eigen business door bijvoorbeeld vooruit te lopen op internationale wetgeving. Zo mogen, als het aan de Europese Commissie ligt, financiële instellingen vanaf 2016 niet meer testen met productiedata. Het risico van tests met data van klanten is simpelweg te groot. Daarom moeten organisaties vanaf dat moment testen met synthetische data. Bij deze methode zijn alle persoonlijke gegevens en identificeerbare data geanalyseerd en geheel vervangen. Door het gebruik van synthetische data verlagen financiële instellingen hun risico’s en beschermen ze hun business-value.

Bij ontwikkelingen als deze moet je als testspecialist scherp aan de wind zeilen. We maken onze partners en klanten attent op de verandering in de wet en komen meteen met een oplossing. Met een door ons ontwikkelde tool creëren we veilige, synthetische testdata. Dan zetten we een evenement op voor onze klanten en praten ze helemaal bij. Dat is ook onze taak.”

Domeinkennis en industrialiseren

Het testvak is steeds uitdagender. Van den Bliek bespeurt een duidelijke verandering ten opzichte van toen hij in de ‘software control’ begon. “Specialisten moeten nu echt domeinkennis bezitten en verstand hebben van industrialiseren. ‘Gewone testautomatisering’ en het beheer daarvan is geen uitdaging meer. Daarom is het goed dat we juist dat werk kunnen outsourcen.”

Op het kantoor in Utrecht geeft het ook andere gesprekken. Consultants die in de avonduren hun kennis bijschaven, praten elkaar bij over onder meer de waterhuishouding in ons land, het kiesstelsel, de piekbelasting bij zorgverzekeraars en de invloed van ICT op ons voetbal. De lokale cateraar vaart er wel bij. Bij SQS brandt bijna altijd licht.

Arbeidsmarkt remt groei

Niet zelden dooft Van den Bliek zelf de lampen, want helemaal zonder zorgen is de CEO nu ook weer niet. Het is namelijk niet eenvoudig om voldoende specialisten te vinden op de Nederlandse arbeidsmarkt. “Ik kan dit jaar gemakkelijk groeien met ongeveer dertig medewerkers. En zij kunnen meteen aan de slag bij onze klanten, maar echt goede testprofessionals moet je vandaag de dag met een vergrootglas zoeken.”

Dat doen ze bij SQS dan ook – dag in, dag uit. “We zijn kritisch. Dat weet ik. Je moet behalve kennis van testen en ICT, ook echt interesse hebben in onze klanten. SQS is een internationaal bedrijf en de lat ligt hoog. We zijn – zonder borstklopperij – dé wereldwijde specialist in softwarekwaliteit.” Bij SQS heb je collega’s in Duitsland, Groot-Brittannië, Egypte, Finland, Frankrijk, India, Ierland, Noorwegen, Oostenrijk, Portugal, Zweden, Zwitserland, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten.

Het verloop is gering bij SQS. De combinatie van lokaal en internationaal maakt het mogelijk voor medewerkers om hun eigen carrière te sturen. “De meeste nieuwe medewerkers komen via onze eigen mensen. Ze voelen zich heel betrokken bij ons bedrijf en hun vak. Gezien onze ambities om te groeien sluit ik echter niet uit dat we ook andere bronnen van recruitment gaan aanboren.”

Go Go Go

Alle SQS-landen hebben hun eigen flavour en dat wordt goed bewaakt. Zeker in Nederland. “We proberen de organisatie hier zo compact mogelijk te houden en onze units niet te groot te maken. Bij ons ben je geen nummer.”

Voor zijn medewerkers is hij Wilbert. Ondanks grote, internationale evenementen, als Iqnite en EuroSTAR, waar SQS prominent vertegenwoordigd is, houdt hij bijvoorbeeld personeelsbijeenkomsten informeel. Voor hem dan geen groot podium, maar hard werken achter de barbecue om te zorgen dat niemand iets tekortkomt. “Ik merk dat onze medewerkers dat waarderen. De betrokkenheid is groot.”

Onlangs kon hij dat nog persoonlijk ervaren. De CEO ontplofte bijna toen hij las dat het Centrum Hoger Onderwijs Informatie (CHOI) meldde dat het aantal baankansen voor hbo ICT-studenten laag is. “Vorig jaar heb ik tien starters van die opleiding aangenomen en dit jaar wil ik er nog wel meer aannemen.”

Hij klom woedend in de pen. “Toen mijn reactie op de verschillende nieuwssites verscheen, kreeg ik mailtjes van collega´s met ´Go Wilbert Go´. Dat is mooi om mee te maken.”

De directeur checkt zijn smartphone. Een snel rondje langs nieuwssites en zijn Twitter. Allemaal zakelijk.

Ondertussen gaat de werkdag in Utrecht naadloos over in de werkavond. Een collega komt bij Van den Bliek informeren wat hij wil eten voor de MT-meeting begint. Zijn antwoord is voor de manager geen verassing: sushi. “Kom je ook nog wat persoonlijks van mij te weten”, grijnst hij.